Het zit in de genen! Of staat het in de koelkast?
Het zit in de genen! Of staat het in de koelkast?
“Het zit in de familie.”
“Het is genetisch bepaald.”
“Mijn vader had het ook”
In mijn praktijk en om mij heen hoor ik deze uitspraken steeds vaker. Vooral van mensen die inmiddels de 40 zijn gepasseerd en die langzaam tegen hun eerste gezondheidsproblemen aanlopen.
- Een beginnende vorm van diabetes.
- Hoge bloeddruk.
- Darmklachten.
- Stressklachten.
- Gewrichtsproblemen.
- Artrose.
- Concentratieproblemen.
- Slaapproblemen.
- Huidproblemen.
- Overgewicht.
- Vermoeidheid.
En zodra iemand vraagt hoe dat komt, ligt het antwoord vaak al klaar:
“Ja, het zit in de familie.”
Dit kan misschien zo zijn, maar daarmee is er nog geen verklaring gegeven dat de persoon in kwestie hier ook last van krijgt.
Genen zijn geen vonnis
Natuurlijk spelen genen een rol. De één heeft meer aanleg voor diabetes, de ander voor hart- en vaatziekten, weer een ander voor darm- of gewrichtsproblemen.
Maar aanleg is iets anders dan dat iemands lot of gezondheid in de toekomst al vaststaat. Je kunt genetische aanleg hebben zonder ooit de aandoening te ontwikkelen.
En precies daar wordt het interessant.
Want wat gebeurt er als iemand met een bepaalde aanleg vervolgens jarenlang:
- Nauwelijks beweegt.
- Veel en vaak alcohol drinkt.
- Acht uur per dag zit.
- Weinig daglicht krijgt.
- Wel 10-30 eetmomenten per dag heeft.
- Sterk bewerkt voedsel eet.
- Een zwaar tekort aan vitamines, mineralen en nutriënten tot zich neemt.
- Structureel te weinig slaapt.
- Voortdurend onder mentale druk staat.
- En ondertussen steeds meer kilo’s aankomt?
- Etc.
Is het dan logisch om alles onder het kopje “genetisch bepaald” te schuiven?
De familie geeft veel meer door dan alleen DNA. Families geven namelijk niet alleen de genen genen, ze geven ook gewoontes en leefstijl door.
Een vader die weinig beweegt, krijgt vaak een kind dat weinig bewegen normaal vindt.
Een gezin waar elke avond alcohol op tafel staat, maakt van alcohol een normale dagelijkse gewoonte. Een huishouden waar groente en onbewerkte voeding nauwelijks voorkomen, geeft niet alleen DNA door, maar ook een slecht voedingspatroon.
En een gezin dat leeft achter schermen, geeft zittend gedrag door als vanzelfsprekend.
Wat we “familie” noemen, is dus deels genetica, maar deels ook gedrag dat generaties lang wordt doorgegeven.

We leven niet meer op een manier zoals waar ons lichaam voor ontworpen is
Ons lichaam is ontworpen om te bewegen, herstellen, slapen, reageren op licht en donker, en te schakelen tussen inspanning en ontspanning.
Maar kijk naar ons moderne leven.
- We zitten in de auto.
- We zitten op kantoor.
- We zitten tijdens vergaderingen.
- We zitten op de bank.
- We pakken onze telefoon zodra er een seconde niets gebeurt.
- We eten voedsel dat nauwelijks nog lijkt op de oorspronkelijke ingrediënten.
- We krijgen de hele dag prikkels binnen.
- We zien nauwelijks daglicht.
- We drinken te vaak en teveel alcohol.
En vervolgens verwachten we dat ons lichaam dit allemaal probleemloos blijft compenseren.
Tot ergens zo tussen ons veertigste en vijftigste levensjaar, dan begint de rekening zich te presenteren.
- Een hogere bloedsuiker.
- Een paar kilo erbij.
- Stijvere gewrichten.
- Slechter slapen.
- Hogere bloeddruk.
- Meer buikvet.
- Minder energie.
- Darmklachten.
En dan wordt er wel gezegd “Tja… het zit in de familie.”
Misschien moeten we ons dan niet de vraag stellen; “Welke ziekte heb ik van mijn ouders geërfd?”
Maar een veel moeilijker en ongemakkelijkere vraag; “Welke omstandigheden geef ik mijn lichaam al twintig of dertig jaar?”
Dat is voor velen een ongemakkelijke vraag, maar tegelijkertijd ook een vraag waar je iets mee kunt. Want je kunt je genen niet veranderen, maar je kunt wél veranderen:
- Hoeveel je beweegt
- Wat je eet
- Wat je NIET eet
- Hoeveel alcohol je drinkt
- Hoeveel daglicht je krijgt
- Hoeveel je slaapt
- Hoeveel je zit
- Hoe je met stress omgaat
- En hoeveel tijd je besteedt aan herstel
Niet alles is leefstijl, dat is veel te kort door de bocht. Er zijn aandoeningen waarbij genetica een grote rol speelt en er zijn ziekten die je niet kunt voorkomen door “gewoon gezond te leven”.
En ouder worden brengt nu eenmaal veranderingen met zich mee.
Maar het omgekeerde is óók waar:
We mogen leefstijl niet blijven onderschatten omdat “het in de familie zit”. Laten we beseffen dat we niet alleen een genetische erfenis hebben meegekregen, maar ook een leefstijl-erfenis.
En die laatste kun je wél veranderen. Je genen zijn misschien het startpunt, maar je leefstijl bepaalt voor een groot deel hoe je lichaam hiermee omgaat en hoe erg de klachten zich ontwikkelen.
En dát je daar wel invloed op hebt is een veel interessantere boodschap dan:
“Het zit in de familie.”
Wil je eens sparren over hoe jij dingen anders zou kunnen doen?






