Kinderen van nu versus kinderen uit 1980: Worden we als mens steeds zwakker?
Kinderen van nu versus kinderen uit 1980: Worden we als mens steeds zwakker?
“Ga buiten spelen!”
Voor kinderen uit de jaren ’80 was dat geen advies, maar simpelweg hoe de dag eruitzag. Fietsen naar school, hutten bouwen, urenlang buiten voetballen, tikkertje, bomen klimmen en zonder schermen de straat op. Je had nederland 1, 2 en 3 op televisie met in op woensdagmiddag en zaterdagmiddag iets voor de jeugd…. Waar je alleen naar mocht kijken als het buiten regende! Bewegen was vanzelfsprekend.
Maar hoe groot is het verschil eigenlijk met kinderen van nu?
En wat zegt dat over hun gezondheid, én die van ons als volwassenen?
Om dat te begrijpen, moeten we terug naar een bijzondere Nederlandse test: de MOPER-fitheidstest.
Wat was de MOPER-fitheidstest ook alweer?
De MOPER-test (MOtor PERformance) werd rond 1980 ontwikkeld om de motorische fitheid van de Nederlandse jeugd te meten. Het was een soort APK voor motoriek en conditie, met onderdelen zoals:
- 10×5 meter sprint
- 6- of 12‑minutenloop
- Hangen met gebogen armen
- Sit‑and‑reach (lenigheid)
- Hoogspringen uit stand
- Sneltikken
- Kracht- en coördinatietesten
De uitslagen werden vergeleken met normtabellen per leeftijd en geslacht. Zo kreeg je een percentielscore:
- Laagste 20% → zwak
- Middenmoot → gemiddeld
- Hoogste 20% → goed/uitstekend
Een fictief voorbeeld voor jongens van 12 jaar bij de 12‑minutenloop:
- < 2200 meter → zwak
- 2200–2500 meter → gemiddeld
- 2500 meter → goed
Het was een eenvoudige, maar verrassend complete manier om de fysieke basis van kinderen in kaart te brengen.
Wat blijkt als je kinderen van 1980, 2006 en 2015/2017 vergelijkt?
Onderzoekers hebben de MOPER-test jarenlang gebruikt om generaties met elkaar te vergelijken. En de uitkomsten zijn opvallend consistent:
Kinderen van nu scoren op vrijwel alle onderdelen lager dan kinderen uit 1980.
De grootste dalingen werden gezien in:
- Kracht (o.a. hangen met gebogen armen)
- Sprint en agility
- Sprongkracht
- Lenigheid
- Uithoudingsvermogen
- Neuromotorische fitheid
En misschien wel het meest opvallend:
Zelfs kinderen zonder overgewicht scoren gemiddeld lager dan kinderen uit 1980. Het probleem is dus niet alleen gewicht, het zit veel dieper in de hedendaagse samenleving.
Waarom zijn kinderen minder fit geworden?
Onderzoekers noemen een aantal oorzaken die samen een duidelijk beeld schetsen:
1. Veel meer schermtijd
Telefoons, tablets, games en streaming hebben een groot deel van de buitenspeeltijd vervangen.
2. Minder buitenspelen
Waar kinderen vroeger vanzelf buiten waren, moet het nu vaak gepland worden.
3. Minder dagelijkse beweging
Meer auto’s, minder fietsen, minder lopen.
4. Minder vrije motorische ontwikkeling
Vroeger: klimmen, springen, rennen, vallen, opstaan.
Nu: georganiseerde sport, maar minder “ruwe” beweging.
5. Meer zittend gedrag
Op school én thuis.
6. Sport is vaker gespecialiseerd
Kinderen bewegen minder breed, terwijl brede motorische ontwikkeling cruciaal is.
Hoe groot is het verschil echt?
Onderzoekers zien dat de hele verdeling van fitheid is verschoven. Niet alleen de zwakste groep scoort lager, ook de middenmoot en zelfs een deel van de fitte groep.
Een scherpe, maar correcte conclusie:
Een gemiddeld kind uit 1980 zou vandaag waarschijnlijk bovengemiddeld scoren op veel motorische onderdelen.
Dat zegt veel over hoe onze leefstijl is veranderd en waar we als samenleving qua gezondheid op af stevenen.
Maar kinderen sporten toch nog steeds?
Ja, veel kinderen zitten op voetbal, hockey, turnen of dans, maar dat is niet genoeg om het verlies aan dagelijkse spontane beweging te compenseren.
Een kind kan dus prima twee keer per week sporten, maar tóch motorisch minder fit zijn dan een kind uit 1980 dat:
- Elke dag fietste,
- Buiten speelde,
- Klom, rende, zwom en sprong,
- En nauwelijks stilzat.
Sport is belangrijk, maar het is geen vervanging voor een actieve leefstijl.
Wat betekent dit voor de toekomst?
- Motorische fitheid hangt samen met:
- Zelfvertrouwen
- Plezier in bewegen
- Mentale gezondheid
- Fysieke gezondheid
- Blessuregevoeligheid
- Deelname aan sport op latere leeftijd
Kinderen die zich motorisch onzeker voelen, gaan vaak minder bewegen.
En minder bewegen leidt uiteindelijk tot een verslechtering van gezondheid op alle vlakken.
En wat betekent dit voor volwassenen?
De trends die we bij kinderen zien, zie je ook bij volwassenen:
- Meer zitten
- Minder bewegen
- Minder kracht
- Minder uithoudingsvermogen
- meer stress
- Slechter herstel
Daarom werk ik in mijn praktijk niet alleen aan mentale coaching, maar ook aan fysieke basisfitheid, leefstijl en zelfs gezondheid op celniveau. Want gezondheid begint bij de basis.
Misschien hoeven we niet méér te sporten, maar moeten we anders gaan leven.
De grootste les uit de vergelijking met 1980 is niet dat kinderen vroeger “beter” waren.
Maar dat bewegen vroeger verweven zat in het dagelijks leven en niet als verplicht sportmoment, maar als normaal gedrag.
- Meer lopen.
- Meer fietsen.
- Meer buiten.
- Meer vrij bewegen.
Mijn overtuiging is dat daar ook vandaag nog steeds de sleutel ligt, voor kinderen én volwassenen.
Neem contact met mij op






